De boekenwinkel
Om hun boeken te verkopen, openden de Plantijn-Moretussen verschillende winkels. Ook in het drukkerspand. Slaat je verbeelding al meteen op hol? Niet nodig, want de boekhandel is er nog steeds. Sterker nog: je stapt er tijdens je bezoek gewoon binnen. De inrichting, de materialen en de sfeer: alles is precies als toen.
Oud of heel oud?
Is dit wel degelijk authentiek? Of gaat het om een reconstructie uit de 19de eeuw? De meningen zijn verdeeld. Eén ding is zeker: dit is de winkel zoals de Plantijn-Moretussen hem hebben bedacht. Inclusief de hoge kasten, balie en geldweegschaaltjes voor de controle van zilveren en gouden munten.
Mogelijk kwam het rond 1700 allemaal over van de westvleugel, waar nu de proeflezerskamer is ondergebracht. Door de verhuis hoefden klanten niet langer te passeren via de binnenplaats. Aangetrokken door de verleidelijke etalage konden ze hier titels inkijken en kopen.
Verboden boeken
De Plantijnse drukkerij baatte eerst winkels uit buiten het pand. Maar voortaan zaten productie, verkoop en marketing voortaan onder één dak. Dat was vooral handig voor kooplieden die vanuit heel Europa werken insloegen voor verdere distributie. In losse vellen of ingebonden. Via de Frankfurter Buchmesse had het bedrijf zelf een internationaal netwerk opgezet. Zowel qua thema’s als talen was het aanbod enorm.
Al bleek niet alles te koop. In opdracht van de Hertog van Alva drukte Plantijn in 1570 de Index Librorum Prohibitorum, een lijst met verboden boeken. Daarop stonden ook eigen uitgaven. Plantijn werd verplicht om zowel katholieke als protestantse werken te drukken. Dat was riskant en het leverde hem zowel prestige als achterdocht op.