Enen … groote huysinghe met poorte, gaelderye, plaetse, toren, salette, ceuckene, … In 1576 ondertekent Christoffel Plantijn de koopakte van een pand aan de Vrijdagmarkt. Hij doopt het om tot De Gulden Passer. Het terrein blijkt perfect: een ruime tuin, een koetshuis aan de Heilige Geeststraat en een indrukwekkend drukkersatelier met plaats voor zestien persen. In de loop van de 17de eeuw breiden Jan I en vooral Balthasar I Moretus het complex verder uit met extra woningen, werkruimtes en een monumentale bibliotheek. Omstreeks 1700 verhuist ook de winkel naar De Gulden Passer.
In de 18de eeuw geeft Franciscus Joannes Moretus de site haar huidige klassieke voorgevel. De gebouwen rond de binnenplaats worden verbonden tot één architecturaal geheel. Zo groeit De Gulden Passer uit tot een uniek stadspaleis waar wonen, werken en kunst naadloos in elkaar overvloeien. Een erfgoedparel die sinds 1877 als Museum Plantin-Moretus toegankelijk is voor het publiek.